Flag California

Golden State

English version?

Inleiding

Californië (Eng.: California; afk.: CA of Cal.), staat van de Verenigde Staten van Amerika, begrensd door de Grote Oceaan in het westen,Oregon in hetnoorden, Nevada en Arizona in het oosten en Mexico in het zuiden, 411.049 km2, met 29,7 miljoen inw.; hoofdstad: Sacramento.

Fysische Geografie

Landschappelijk is Californië in de volgende gebieden te verdelen: in het noordwesten de Klamath Mountains (tot 2600 m hoog); ten oosten hiervan de Cascade Mountains (hoogste top: Mount Shasta, 4317 m, een uitgedoofde vulkaan); de zgn. ‘Basin and Range region’: deel van het Great Basin in het oosten van Californië, met in het zuiden de Mojave woestijn en Death Valley; de kustgebergteketens met voor veeteelt en wijnbouw geschikte dalen en met pijnbomen bedekte hellingen; de Centrale Vallei, een bloeiend agrarisch gebied tussen het kustgebergte en de Sierra Nevada; de Sierra Nevada, een bergketen met vooral in de High Sierra een aantal zeer hoge toppen, waaronder Mount Whitney (4418m), de op één na hoogste berg in de Verenigde Staten; en de in het noorden zeer smalle, in het zuiden bredere kustvlakte. Over een lengte van ca. 1000 km strekt zich langs de kust de San Andreas Fault uit. De grootste rivieren zijn de Sacramento en de San Joaquin; de Colorado (grens met Arizona) wordt voor irrigatie gebruikt. Aan de kust heerst een gematigd zeeklimaat, in het binnenland een subtropisch klimaat; de westzijden van de bergketens hebben een overvloedige, de oostzijden een zeer geringe neerslag.

Bevolking

De gemiddelde bevolkingsdichtheid bedraagt 70 inw. per km2. Meer dan 90% van de totale bevolking woont in de steden, waarvan ruim 75% woonachtig is in de grootste stedelijke centra: Los Angeles, San Diego, San Francisco en San José.

Economie

De zeer gevarieerde economische activiteiten vormen een belangrijke pijler van de economie van de Verenigde Staten. Kenmerkend is de grote schaal waarop automatisering wordt toegepast, niet alleen in de industrie, maar ook bijv. in de landbouw, die door de grote verscheidenheid aan klimaten zeer gevarieerd is. Afgezien van lokale concentraties van bepaalde producten, zoals bijv. rijst en suikerbieten in de Sacramentovallei en citrusvruchten in het zuiden, zijn de belangrijkste producten katoen, pluimvee, groenten, druiven, sinaasappelen en aardappelen. De landbouw is sterk afhankelijk van irrigatie. Californiës rijke bosbezit wordt voor ruim de helft commercieel geëxploiteerd. Naar waarde van productie is Californië de belangrijkste landbouwstaat van de Verenigde Staten en, op Oregon en Washington (staat) na, de belangrijkste houtproducent. Ook de zeevisserij is van belang, met als producten o.a. ansjovis, zalm, zwaardvis, tonijn en haring.

Sinds de jaren zestig werd begonnen met de winning van aardolie en aardgas is de staat uitgegroeid tot één van de belangrijkste olieproducenten in de Verenigde Staten. Overige geëxploiteerde delfstoffen zijn goud, zout, koper, zwavel, chroom, jodium, mangaan, soda, gips, zilver, lood, boorzouten en uranium. De belangrijkste tak van economie is de industrie, die zich enorm heeft kunnen ontwikkelen door de aanwezigheid van hydro-elektriciteit, aardolie en aardgas. De belangrijkste industriecentra zijn Los Angeles, San Francisco en Oakland; de belangrijkste producten vliegtuigen en andere transportmiddelen, voedingsmiddelen, elektronica (Silicon Valley), metaalwaren, wetenschappelijke instrumenten, industriële machines en wapens. Aparte vermelding verdienen de filmindustrie (Hollywood) en de vervaardiging van sportartikelen.

Californië is een zeer belangrijke handelsstaat. ‘s Lands grootste niet-gouvernementele bank, de Bank of America National Trust and Savings Association, zetelt te Los Angeles en San Francisco. Los Angeles, Long Beach en San Francisco zijn de grootste havens van de Amerikaanse westkust. De belangrijkste binnenwaterweg is de benedenloop van de Sacramentorivier. Toeristische trekpleisters zijn o.m. de nationale parken Yosemite, Redwood, Kings Canyon, Sequoia Death Valley en Lassen en voorts o.m. het amusementspark Disneyland (bij Anaheim), de omgeving van Lake Tahoe, Hollywood en de stranden in het zuiden.

Geschiedenis

Sedert 1540 begonnen de Spanjaarden vanuit Mexico in dit gebied door te dringen (1542: Cabrillo bereikt San Diego). Talrijke zeelieden deden de kust aan, o.a. in 1579 Francis Drake. Maar pas in 1769 begon de officiële kolonisatie, die vergezeld ging van een intense missionering door de franciscanen onder leiding van Fray Junipero Serra. Garnizoenen werden gevestigd in San Diego, Santa Barbara, Monterey en San Francisco, pueblos, dwz. burgerlijke kolonisaties in San José, Los Angeles en Santa Cruz, terwijl er 21 franciscaanse missieposten werden gesticht. In 1822, na de revolutie in Mexico, werd het gebied Mexicaans. In 1833 werd het land van de missie genaast door de staat en aan veeboeren verkocht. Zo ontstonden de rancho’s. Rusland, Engeland en de Verenigde Staten begonnen in deze tijd interesse voor Californië te krijgen. Na de expedities van John C. Fremont (1842–1845) leidde het grote belang van de Verenigde Staten tot een oorlog met Mexico (1846–1848). Bij de Vrede van Guadalupe Hidalgo op 2 febr. 1848 werd Californië deel van de Verenigde Staten. Vlak daarvoor, op 24 jan., was er goud gevonden en nu begon weldra de beroemde Goldrush. Tussen 1848 en 1852 nam de bevolking toe van 15.000 tot 250.000. In 1850 reeds werd Californië toegelaten als 31ste staat van de Unie, na een groot debat over de kwestie van de slavernij, die in Californië ten slotte niet werd toegelaten. De eerste jaren van de nieuwe staat waren zeer onrustig, maar door het oprichten van zgn. ‘vigilance committees’ werd een zekere orde ingevoerd. Communicatie met het oosten des lands werd mogelijk door de Butterfield Overland Mail (1857) en de beroemde Pony Express, een organisatie die van 1860–1861 post van oost naar west vervoerde, per paard, met gebruikmaking van tussenstations waar de rijdieren werden gewisseld. In 1861 bereikte de telegraaf Californië. Een nieuwe economische beroering ontstond in 1859 door het vinden van zilver, maar de grote rijkdom van het gebied lag ten slotte het meeste in de landbouw, terwijl al vóór 1900 in het zuiden belangrijke olievelden werden gevonden.

De politieke macht, aanvankelijk in handen van de Democratische partij, berustte na de Amerikaanse Burgeroorlog bij de Republikeinen. Zeer machtig werden de Grote Vier van de spoorwegen in Californië: Collis P. Huntington, Leland Stanford, Charles Crocker en Mark Hopkins. Grote beroering bracht de immigratie van de Chinezen, die ten slotte in 1882 werd stopgezet, terwijl de daarna komende Japanners werden uitgesloten van landbezit. In 1910 won een progressief-republikeinse groep de verkiezingen onder leiding van Hiram Johnson en voerde vele hervormingen in, waarbij de macht van de spoorwegen werd gebroken. Sindsdien heeft de staat een gigantische opbloei beleefd, alleen onderbroken door de depressie van 1929, die tot allerlei sociale bewegingen leidde. In deze jaren trokken duizenden immigranten uit het midden-westen naar Californië.

Ook na de Tweede Wereldoorlog hield de stroom immigranten aan. Een actief cultuurbeleid van de opeenvolgende regeringen in de staat stond m.n. sinds de jaren zestig garant voor een aparte en internationaal bekende positie van de staat op het gebied van kunst (San Francisco). University of California en California State University genieten een grote reputatie.