Tennessee
Verenigde Staten van Amerika

Volunteer State
Inleiding
Tennessee (afk.: TN of Tenn.), staat van de
Verenigde Staten van Amerika, 109.412 km2, met 4,9 miljoen inw.;
hoofdstad: Nashville.
Fysische Geografie
Tennessee bestaat uit zes verschillende gebieden,
waarvan de eerste drie tot Oost-Tennessee behoren: 1. Het oostelijk
berggebied langs de oostgrens, vnl. gevormd door de Unaka en Great Smoky
Mountains (onderdeel van de Appalachen), bestaat overwegend uit graniet.
De ‘Smokies’ liggen voor een groot deel in het Great Smoky Mountains
National Park (Clingmans Dome, 2025 m, hoogste punt van de staat). 2. Het
50 tot 100 km brede dal van de naar het zuidwesten stromende
Boven-Tennessee en zijrivieren. 3. Het dal gaat in het westen abrupt over
in het ca. 350 m hoger gelegen Cumberlandplateau, eveneens onderdeel van
de Appalachen. 4. Naar het westen toe gaat deze hoogvlakte over in een
lager, vrijwel vlak gebied, de Highland Rim, die een groot deel van
Midden-Tennessee beslaat. 5. De Highland Rim spaart in het midden een ca.
125 m dieper liggende laagvlakte van elliptische vorm uit, het Nashville
Basin, een van de vruchtbaarste agrarische gebieden van de staat ( ‘Garden
of Tennessee’). 6. West-Tennessee bestaat uit een golvende vlakte die
het gebied tussen de Tennessee (die hier de staat weer binnenkomt en deze
van zuid naar noord doorsnijdt) en de Mississippi beslaat en waaruit zich
aan de rand van het Mississippidal een uit löss bestaande heuvelketen, de
zgn. Bluffs, verheft. De Mississippi (die de grens vormt met Missouri en
Arkansas) heeft hier talrijke dode armen (bayou's) en moerassen doen
ontstaan. Natuurlijke meren van betekenis zijn er niet, wel een groot
aantal stuwmeren, zoals Watts Barlake, Chickamauga Lake en Kentucky Lake
in de Tennessee River, en Lake Barkley, Old Hickory Lake en Dale Hollow
Lake in de Cumberland River in het noorden van de staat. Het klimaat is
gematigd.
Bevolking
De gemiddelde bevolkingsdichtheid is 45 inw. per
km2. Van de bevolking woont ca. 61% in de stedelijke gebieden. De grootste
steden zijn: Memphis, Nashville, Knoxville en Chattanooga.
Economie
Veruit het grootste deel van de beroepsbevolking
werkt in de industrie. De voornaamste overige beroepscategorieën zijn
dienstverlening, kleinhandel en landbouw (in 1940 nog op de eerste
plaats). De voornaamste verbouwde gewassen zijn katoen, tabak, granen en
sojabonen; verder o.m. aardappelen, groenten en fruit; de veeteelt is goed
voor ongeveer 50% van het agrarisch inkomen en omvat o.m. schapen,
runderen en varkens. Het bosareaal omvat ca. 40% van de totale oppervlakte
van de staat. Zaaghout is het voornaamste product. De belangrijkste
delfstof is steenkool. Tennessee is de eerste producent van het land van
klei, zink en pyriet. Verdere delfstoffen zijn o.a. fosfaat, koper,
marmer, mica en cement. De fabricage van chemische producten (waaronder
kunststoffen) vormt de voornaamste industrietak. Verder zijn van belang de
productie van textiel (kleding), voedingsmiddelen, huishoudelijke
apparaten, houtpulp en papier, lederwaren, elektrische en niet-elektrische
machines en instrumenten, de metaalverwerking en de fabricage van stenen
en glazen artikelen.
Bezienswaardigheden
De meeste bezoekers trekken het Great Smoky
Mountains National Park, vanwege het natuurschoon, en de steden Nashville
en Memphis, vanwege de muziek. De staat telt een groot aantal natuurlijke
grotten. Historische monumenten herinneren vooral aan de Burgeroorlog.
Geschiedenis
Tennessee was oorspronkelijk het woongebied van
de Cherokee en de Shawnee. Naar men aanneemt verkende Hernan(do) de Soto
als eerste Europeaan in 1541 het gebied, maar wezenlijke verkenning vond
pas plaats op het eind van de 17de eeuw door de Fransen, die de
Mississippi afzakten (o.a. La Salle) en de Engelsen, die uit het oosten
kwamen. Het hele gebied viel op het eind van de Zevenjarige Oorlog (1763)
toe aan de Engelsen. In 1769 werd de eerste permanente nederzetting
gesticht, vanuit Virginia. In 1784 vormden kolonisten in het oosten van
Tennessee de staat Franklin, die tot 1789 bestond. In 1790 werd het hele
gebied georganiseerd als territorium, in 1796 als staat van de Unie (Tennessee
was de 16de staat die toetrad). Het westen van Tennessee ontwikkelde zich tot een typisch zuidelijk
katoengebied met slavernij, het bergachtige oosten tot een land van kleine
boeren. Politiek leidde dit tot een scherpe tegenstelling, die zichtbaar
werd toen de Amerikaanse Burgeroorlog uitbrak. Het westen stelde zich
achter de afscheiding, het oosten vocht onder leiding van de latere
president A. Johnson aan de zijde van de Unie.
Naast Virginia was Tennessee het gebied waar het hevigst gevochten werd (Slagen van Shiloh,
Chickamauga, Chattanooga en Nashville). Na de oorlog ontkwam Tennessee aan
bezetting door het Noorden omdat het direct het 14de amendement tekende.
Dat er nadien wel verzet bestond tegen het Noorden, kan men afleiden uit
het feit dat Tennessee, evenals de andere zuidelijke staten, een hechte
verbondenheid liet zien met de Democratische partij (met uitzondering van
de bergbewoners) en op het eind van de 19de eeuw de segregatiemaatregelen
invoerde tegen de negers. Het in het algemeen arme en achtergebleven gebied beleefde een grote
opbloei door de in het kader van de New Deal in het leven geroepen
Tennessee Valley Authority (1933). Ook politiek kwam de staat uit zijn
verstarring; de beheersing van de staat door ‘boss’ Ed Crump werd in
de jaren vijftig doorbroken door de Democraat E. Kefauver.
De gematigdheid
van de staat vond haar bevestiging in de rustige manier waarop in het
algemeen de integratie van de scholen werd aanvaard na de beslissing van
het Hooggerechtshof in 1954. Belangrijk voor de opbloei van Tennessee was
de culturele stuwing die uitging van de hoofdstad Nashville en de daar
sedert 1873 gevestigde Vanderbilt-universiteit. Hier manifesteerde zich in
de jaren twintig een belangrijke groep dichters, de Fugitives. Zij
predikten in hun klassieke werk I'll take my stand (1930) een weliswaar
conservatief getint agrarisch idealisme, maar hun optreden betekende een
krachtige vernieuwing, die zich in het gehele Zuiden deed voelen. In
diezelfde periode ontwikkelde Nashville zich als centrum voor de
country-and-western muziek.