Montana
Verenigde Staten van Amerika

Treasure State
Inleiding
Montana (afk.:
MT of Mont.), staat van de Verenigde Staten van Amerika, 381.087
km2, 799.000 inw.; hoofdstad: Helena.
Fysische
Geografie
Montana heeft een gemiddelde
hoogte van 1000 m. Het oostelijk deel bestaat uit een steppeachtige
hoogvlakte, onderdeel van de Great Plains (ca. 75% van de staat). In de
zuidoosthoek begint een barre, verlaten rotswereld, de Badlands. Naar het
westen toe stijgt de bodem geleidelijk en gaat over in de Rocky Mountains.
In het zuidwesten bevindt zich bij de grens met Wyoming het hoogste punt
van de staat (Granite Peak, 3917 m). Tussen de Rocky Mountains en de
Bitterrootketen in het uiterste westen ligt een reeks lange, tamelijk
brede valleien. Twee grote rivieren zorgen voor de afwatering van het
oosten van Montana: de bovenloop van de Missouri en de Yellowstone River,
die aan de grens met Noord-Dakota in de Missouri uitmondt. De Rocky
Mountains delen Montana in twee klimatologisch verschillende gebieden. Het
westen, beschermd door het gebergte, heeft een tamelijk gelijkmatige
temperatuur met een grote neerslag. Het halfdroge oosten staat bloot aan
de felle en koude winden uit Canada. De winters zijn zeer koud, de zomers
soms zeer warm.
Bevolking
Montana is een van de dunst
bevolkte staten van het land (2 inw. per km2). De grootste steden zijn
Billings (81.000 inw.) en Great Falls (55.000). Ruim 52% van
de totale bevolking woont in de steden.
Economie
Landbouw is in Montana een
belangrijke economische activiteit: vooral de veehouderij en de productie
tarwe, gerst, suikerbieten en vooral hooi; bijna 20% van het
landbouwoppervlak wordt kunstmatig bevloeid. Mijnbouw en hoogovenbedrijf
komen op de tweede plaats in de economie; de belangrijkste
mijnbouwproducten zijn steenkool, aardolie, koper, goud, zilver en
aardgas.
Montana behoort tot de
belangrijkste bosbouwstaten van de Verenigde Staten (vooral timmerhout en
kerstbomen). Het bosareaal is ook van groot belang voor het steeds
belangrijker wordende toerisme. Door de federale regering zijn grote delen
als nationaal wildpark aangewezen. De industrie is vnl. gericht op de
verwerking van grondstoffen uit mijnbouw, bosbouw en landbouw.
Bezienswaardigheden
De belangrijkste toeristische trekpleisters zijn
Glacier National Park, ‘het Zwitserland van Amerika’, en Yellowstone
National Park. Van historisch belang zijn o.m. Little Bighorn National
Monument en Big Hole National Battlefield.
Geschiedenis
In 1742 drongen de Franse ontdekkingsreizigers de
broers François en Louis Joseph de la Vérendrye als eersten door in het
gebied van Montana, maar het kreeg pas grotere bekendheid door de reizen
van Lewis en Clark (1804–1806) en door de bonthandelaars die in hun
spoor volgden. Aanvankelijk was er veel rivaliteit tussen de Amerikaanse
handelaars die uit St. Louis de Missouri optrokken, en de Engelsen die
namens de Hudson Bay Company uit Canada kwamen, maar in 1846 werd bij het
Oregonverdrag de definitieve grens vastgesteld. Toen waren de dagen van de
bonthandel al bijna voorbij. In 1841 stichtte de beroemde Belgische
missionaris De Smet de eerste jezuïetenmissie onder de Indianen, maar
juist toen begonnen er zich steeds meer blanke kolonisten te vestigen,
omdat de grote trek naar Oregon door Montana ging. In 1862–1864 werd er
goud gevonden, wat leidde tot een gold
rush en conflicten met de Indianen. Vooral de Sioux waren geduchte
vijanden: zij versloegen op 25 juni 1876 generaal Custer bij Little
Bighorn. In 1877 maakten de Nez Perces hun beroemde tocht door Montana
onder leiding van hun chief Joseph. In 1875 begon een nieuwe opbloei door
de ontdekking van zilver en koper. Reeds in 1864 was Montana georganiseerd
als territorium, in 1889 werd het als 41ste staat toegelaten tot de Unie.
Politiek is Montana zeer verdeeld gebleven, mede doordat er van oudsher
een sterke scheiding bestaat tussen de verschillende immigrantengroepen.